De Oud-Egyptische beschaving blijft fascineren, maar is een cultuur waarmee wij minder affiniteit hebben dan met de Grieks-Latijnse oudheid. Met ‘De wereld van de farao’s’ biedt Marleen Reynders een ‘Inleiding in het oude Egypte’, zoals de al te bescheiden ondertitel luidt. De auteur studeerde Egyptologie aan de KU Leuven en publiceerde reeds ‘Onder het oog van de zonnegod. 3000 jaar Oud-Egyptische beschaving’ (2003) en ‘Het Egypte van de farao’s. De Nijl stroomopwaarts’ (2006). Ze is een bekende egyptologe, die al jaren reizigers langs faraonische monumenten en tempels leidt en gewaardeerde voordrachten geeft.
Reynders beoogt een toegankelijke wegwijzer voor de lange en complexe Egyptische geschiedenis te bieden, met aandacht voor meer dan farao’s, graven en tempels alleen. Ze wil ook de mensen achter de monumenten een stem geven, die samen een beschaving vormgaven die meer dan drieduizend jaar standhield. Ze verwerkt daarvoor heel wat academische publicaties tot een vlot leesbare ‘Inleiding in het oude Egypte’.
Reynders ordent haar boek in vier delen. Deel 1 ‘Egypte, een geschenk van de Nijl’ in de woorden van Herodotos, belicht de riviercultuur langs de Nijl, het Egypte van alledag en het hiërogliefenschrift. Deel 2 ‘Historisch Egypte’ overloopt drieduizend jaar faraonische geschiedenis, belicht de koning als een mens met een goddelijke missie en zoomt in op vier markante farao’s: Hatsjepsoet, de vrouwelijke farao met de baard, de excentrieke religieuze hervormer Achnaton, de megalomane Ramses II en ‘femme fatale’ Kleopatra. Om de Egyptische cultuur echt te begrijpen is inzicht nodig in de religie en het diepe verlangen naar onsterfelijkheid en de daaruit voortvloeiende dodencultus. Deel 3 ‘Een blik in de wereld van goden en tempels’ gaat dan ook in op het mythische denken als verklaring voor het functioneren van de wereld, de tempel als grensgebied tussen hemel en aarde en de tempelcultus en verkent de mooiste tempels langs de Nijl. Deel 4 ‘Verlangen naar onsterfelijkheid’, behandelt het begrafenisritueel, de piramide als huis voor de eeuwigheid, de Thebaanse dodenvallei, maar ook het bouwproces van de piramiden en de werklui en kunstenaars uit arbeidersdorp Deir el-Medina in de schaduw van de Koningsvallei.
Wie Reynders’ vorige boeken gelezen heeft, zal veel van de inhoud herkennen, maar in dit boek integreert ze recente archeologische vondsten, zoals de Red Sea Scrolls, en inzichten uit de natuur-(DNA-onderzoek) en sociale wetenschappen, die het archeologisch, historisch en taalkundig onderzoek aanvullen. Dat maakt het mogelijk om bestaande interpretaties bij te stellen. Het resultaat is een beter beeld van de faraonische samenleving.
Het boek is fraai uitgegeven in hardcover met op de kaft het prachtige diorieten beeld van farao Chefren met Horus als valk en bevat goed geduide kleurenillustraties, kaarten, stambomen en diagrammen, waarnaar gestructureerd wordt verwezen. Kleine teksten in de marge belichten erudiete realia en aparte vensters belangwekkende artefacten of feiten, zoals het palet van Narmer, het Atonisme, de slag bij Kadesj, …. Achteraan vervolledigen eindnoten, een verklarende woorden- en symbolenlijst, een selectieve bibliografie, een index van trefwoorden en van Egyptische begrippen deze beste Nederlandstalige introductie tot het tot de verbeelding sprekende oude Egypte.