Hieronder vindt u de jongste recensies. Selecteer een genre, vervolgens selecteer de recensie die u wenst u te bekijken en klik tenslotte op 'Lees recensie'.
Drie steden speelden een belangrijke rol in het leven en het oeuvre van de Vlaamse barokschilder Antoon van Dyck (Antwerpen, 22 maart 1599 - Londen, 9 december 1641). Over de relatie tussen hem en deze Europese steden, over zijn tocht van Antwerpen via Genua, terug naar Antwerpen en uiteindelijk naar Londen loopt tot 19 juli 2026 in het Palazzo Ducale in Genua een ambitieuze tentoonstelling met meer dan vijftig van zijn meesterwerken. Het is meteen een overzichtstentoonstelling die de artistieke ontwikkeling van Van Dyck in beeld brengt. Bij zo’n uitzonderlijke tentoonstelling hoort een catalogus, die vooral door Vlaamse handen werd gerealiseerd. Inhoudelijk rust een groot deel van het wetenschappelijk onderzoek op de schouders van professor emeritus Katlijne Van der Stighelen (KUL) en de schitterende uitvoering van het bijhorende boekwerk werd door de uitgeverij Hannibal in Veurne gerealiseerd. Het boek met harde kaft en op groot formaat is meteen ook de catalogus waarin in het tweede deel de tentoongestelde schilderijen uitvoerig worden besproken, toegelicht en uiteraard in kleur afgebeeld. Deze uitgave brengt een uiterst nauwkeurige bespreking van de getoonde werken (met concrete technische gegevens, bewaarplaats, pedigree, literatuur, …), maar ze is tegelijk ook veel meer. In het eerste deel van deze uitgave ligt de focus met diepgravende artikels op Van Dyck en de genoemde steden. In twee inleidende artikels wordt de ruime context geschetst waarin we Van Dyck stilistisch moeten situeren. Zijn van de hand van Anna Orlando, Katlijne Van der Stighelen en Hans Cools. De relatie tussen Van Dyck en de steden komt aan bod in drie bijdragen: Anna Orlando neemt Genua voor haar rekening, Karen Hearn dan weer Londen en meer dan één essays gaat over Van Dyck en Antwerpen. Katlijne Van der Stighelen, Jean Bastiaensen en Nils Büttner zorgen in dit verband voor uiterst diepgaande artikels. De catalogus volgt deze structuur met vier delen: Van Dyck in Antwerpen, vervolgens in ItalIë, terug in Antwerpen (en Brussel) en uiteindelijk in Londen. Verder vraagt de inhoud van dit boek ook aandacht voor het technische aspect van zijn werk (artikel door Justin L. Davies) en voor zijn relaties (artikel door Maria Grazia Bernardini). Het geheel vormt een boeiend, duidelijk en integrerend overzicht van het leven en vooral van het oeuvre van deze grootmeester die Vlaanderen mee op de Europese kaart heeft gezet. Onze bespreking mogen we niet afsluiten zonder even te wijzen op de sobere maar correcte vormgeving en vooral op de vele schitterende illustraties die overvloedig de uitgave verluchten. We vinden die niet alleen in het catalogusgedeelte terug, maar vormen een noodzakelijke ondersteuning voor de artikelreeks in het eerste deel. En zoals we Hannibal gewoon zijn, zijn ze perfect afgedrukt en met voldoende grootte weergegeven waardoor de leesbaarheid van de artikels sterk wordt ondersteund. De inhoudstafel vinden we vooraan, het wetenschappelijke notenapparaat is per artikel geplaatst en de bibliografie sluit samen met een colofon het boek af. Een index ontbreekt. Een fraaie uitgave, die na afsluiten van de tentoonstelling, een standaardwerk zal blijven voor de studie van Van Dyck.
kunsttijdschriftvlaanderen.be gebruikt technische cookies die noodzakelijk zijn voor de werking van de website.