Hieronder vindt u de jongste recensies. Selecteer een genre, vervolgens selecteer de recensie die u wenst u te bekijken en klik tenslotte op 'Lees recensie'.

Zoeken  Genre 

 TitelAuteurDatum
Big data Anne Vegter 26/10/2020
Heb lief en zie niet om Willem G. van Maanen 26/10/2020
Otto Skorzeny. Hitlers favoriete commando Stuart Smith 26/10/2020
Straks gaat het jenever sneeuwen. De mooiste jenevergedichten uit de Nederlandstalige literatuur René Smeets (samensteller) 26/10/2020
Mrs. Degas Arthur Japin 26/10/2020
Eigen + Beeld. Moderne sculptuur Beelden aan Zee Joost Bergman, Dick van Broekhuizen e.a. 26/10/2020
Oranje tegen de Zonnekoning. De strijd tussen Willem III en Lodewijk XIV om Europa. 8ste druk Luc Panhuysen 26/10/2020
Waar is mijn hoed? Johan Wambacq 26/10/2020
Voor permanente bewoning Anna de Bruyckere 26/10/2020
De eeuw van Jan De Lichte. Misdaad, verraad en revolutie in de 18de eeuw Elwin Hofman (red.) 20/10/2020
Keizer Karel V. Landsheer van de Nederlanden, Habsburgs wereldheerser Geoffrey Parker 20/10/2020
De leunstoel van de SS-officier. Het geheime leven van een nazi onthuld Daniel Lee 19/10/2020
De oorlog tegemoet. Nederlanders en de strijd om Spanje, 1936-1939 Lodewijk Petram en Samuël Kruizinga 19/10/2020
En de bomen. Gedichten Patrick Conrad 19/10/2020
En toen vonden ze mijn vader Andreas Jonkers 19/10/2020
De etsen van Charles Donker Wietske Blokker (red.) 19/10/2020
Jeruzalem. De biografie Simon Sebag Montefiore 13/10/2020
Geheim en gevaarlijk. Sekten en genootschappen door de eeuwen heen Jonathan J. Moore 13/10/2020
Reynaert de Vos, vertaling en nawoord René Broens Willem 13/10/2020
Bruna Hannelore Bedert 13/10/2020
12345678910...Laatste

De republiek of de dood. Philippicae en brieven. Vertaald en toegelicht door John Nagelkerken

Cicero
De republiek of de dood. Philippicae en brieven. Vertaald en toegelicht door John Nagelkerken
Athenaeum - Polak & Van Gennep, 2020, 412 blz., EUR 29,99
ISBN: 9789025310714

Wellicht de meest beschreven periode van de Romeinse geschiedenis, misschien wel van de hele oudheid, is de eerste eeuw voor Christus, waarin de Oude Republiek overgaat in de keizertijd. Wie in de materie geïnteresseerd is, heeft waarschijnlijk al veel leesvoer op de plank staan. Rubicon van Tom Holland is heel bekend, maar veel auteurs hebben zich aan een relaas van de gebeurtenissen gewaagd, waarbij ze al dan niet focussen op een bepaalde periode: de opkomst en ondergang van Caesar, Octavianus die zijn principaat uitbouwt of een overzicht van de hele eeuw.                               
Dat er zo veel lectuur voor handen is, heeft niet alleen te maken met het belang of het opwindende karakter ervan, maar ook met het overgeleverde bronnenmateriaal. Eén van de hoofdverantwoordelijken daarvoor is Marcus Tullius Cicero: advocaat en redenaar, actief als filosoof, maar ook als politicus, verdediger van de oude republiek waar de Senaat de lakens uitdeelde. John Nagelkerken focust in De Republiek of de dood op een heel korte periode, van 15 maart 44 tot 27 juli 43 voor Christus, en hij pakt het anders aan. Mochten schrijvers regisseurs zijn, dan waren de meeste boeken documentaires waar een vertelstem de gebeurtenissen beschrijft. Dit boek neemt een andere vorm aan, een waarbij de hoofdpersonage zelf aan het woord komt, soms als in een interview, soms op archiefmateriaal van publieke optredens. Tussen die fragmenten houdt een voice-over ons bij de les of verbindt die de verschillende eindjes aan elkaar.                   
We lezen in Cicero’s persoonlijke brieven (aan zijn vriend Atticus, aan andere kennissen, soms van anderen die in hetzelfde corpus zijn overgeleverd) hoe hij de situatie vlak na de dood van Caesar inschatte en hoe hij actief probeert de gebeurtenissen naar zijn hand te zetten, onder meer door de jonge Octavianus te bewerken, die Caesar onverwachts in zijn testament als opvolger aanduidde. We zien hem echter ook aan het werk in de Senaat, waar hij uitvaart tegen Marcus Antonius. Nooit vies van wat zelfoverschatting noemt hij die de Philippische redevoeringen, waarmee hij zichzelf vergelijkt met Demosthenes en impliciet ook Antonius met Philippos van Makedonië gelijkstelt.                         
Waar Cicero niet aan het woord is, houdt John Nagelkerken het kort en to the point. De inleiding is helder en goed en tussen de brieven en redevoeringen door worden de omstandigheden en belangrijkste personages geschetst. Ook de vertaling is helder, al houdt hij zich wel aan de lange en soms complexe periodes die Cicero hanteert, maar die, zeker in de redevoeringen, zo kenmerkend zijn voor zijn stijl. In voetnoten wordt verder uitgeweid over allusies die die voor ons niet meer duidelijk zijn of wordt extra info verstrekt.                                                 
Het mooie aan deze manier van werken is dat het meer beklijft dan een pure beschrijving kan doen. Als je weet hoe het afloopt, lezen Cicero’s loftuitingen op Octavianus zeer wrang. In zijn laatste brief, aan Brutus die op dat moment in Griekenland zit, voorvoelt hij al dat het de verkeerde kant opgaat: Octavianus is iemand met karakter, maar op een plooibare leeftijd. Hij hoopt dat de republiek er geen spijt van zal hebben dat hij hem probeerde te begeleiden. En half jaar later zaten Octavianus en Antonius in Bologna bijeen en stelden ze een lijstje op van personen die een alliantie tussen hen beiden in de weg stonden. Antonius wou zijn nemesis weg, en Octavianus bleek inderdaad plooibaar. Cicero zwierf toen al een tijdje van landgoed naar landgoed, nog naarstig schrijvend aan zijn laatste filosofische traktaten, maar werd op 7 december in Caieta door een gewapende groep om het leven gebracht. De republiek of de dood? Het werd voor Cicero het laatste, al bleek ook het eeuwige leven voor hem weggelegd.

[Dieter Wildemauwe - 14/09/2020]