Hieronder vindt u de jongste recensies. Selecteer een genre, vervolgens selecteer de recensie die u wenst u te bekijken en klik tenslotte op 'Lees recensie'.

Zoeken  Genre 

 TitelAuteurDatum
Denkwerk. Kunstenaars en filosofen Wendy Janssen en Onno Zijlstra 06/03/2026
Hannah Arendt. Mens & maatschappij in meervoud Andreas Kinneging, Paul de Hert en Maarten Colette (red.) 06/03/2026
Het leven van de geest (vert. Dirk De Schutter en Remi Peeters) Hannah Arendt 06/03/2026
Dom Hans van der Laan in de praktijk. Een ontwerphandboek Caroline Voet 06/03/2026
Orlanda (vert. Eveline van Hemer; naw. Gaea Schoeters) Jacqueline Harpman 06/03/2026
De komiek van Treblinka Ake Edwardson 06/03/2026
5 Mei 1945. Het momentum van Wageningen Wim Huijser, Coen Pepplinkhuizen en Jelle de Gruyter 06/03/2026
De verliefden (vert. Aline Glastra van Loon) Javier Marias 06/03/2026
Europa. De zestiende eeuw Hans Mulder 02/03/2026
Kunst als instrument voor de ziel. Meditatie in West-Europa 1450-1650 Annelies Vanwalleghem 02/03/2026
Verkocht, gestolen en bijna vernietigd. De turbulente geschiedenis van Het Lam Gods Tom De Smet & Wannes Roelant 02/03/2026
De jeugd van tegenwoordig... Stedelijke jongerencultuur in de laatmiddeleeuwse Lage Landen Peter Stabel en Anke de Meyer 02/03/2026
Sparta. Opkomst en ondergang van een antieke grootmacht (vert. Ruud van de Plassche) Andrew Bayliss 02/03/2026
Cornelius Jonson van Ceulen. Een Engels-Nederlandse meester uit de Gouden Eeuw Karen Hearn 02/03/2026
Goedvolk en de kop van Jut. Nederland in de ban van een dubbele moord Paul van der Steen 02/03/2026
Leven voor een leer. Anna Terruwe (1911-2004) Marit Monteiro 02/03/2026
Weet jij de wijs nog en de woorden? René Smeets en Johan van Cauwenberghe 02/03/2026
Ik, zuster Gabrielle! Frank Pollet 02/03/2026
Het leven en de dood in de ast Stijn Streuvels en Ivan Petrus Adriaenssens 02/03/2026
De Ploeg op Schiermonnikoog Peter Jordens 02/03/2026
12345678910...Laatste

Schrijversmythen

Sander Bax
Schrijversmythen
Prometheus, 2024, 511 blz., EUR 35,00
ISBN: 9789044630787

In de ‘Inleiding’ bij zijn lijvige boek ‘Schrijversmythen’ bakent Sander Bax, hoogleraar Onderwijs en Cultuur aan de Universiteit van Tilburg, het opzet en de methodiek af van zijn project: ‘een toegankelijk geschreven introductie voor studenten op de universiteit en hogeschool, in opleidingen Nederlands, bij lerarenopleidingen. Tegelijk wil het boek ook aantrekkelijk zijn voor alle andere lezers die kennis willen maken met de rijke ontwikkeling van de Nederlandse literatuur. (…) Ik zie dit boek nadrukkelijk als ‘een’ geschiedenis van de literatuur van de periode 1880-2020.’ Verder wijst hij erop dat de centrale invalshoek voor zijn benadering gericht is op het concept ‘literaire autonomie’ (de ‘autonomistische literatuuropvatting, die vooropstelt dat het literaire werk op zichzelf bestaat en dat daarbij het beeld van de schrijver achter het werk verdwijnt) en hoe in de loop van de voorbije 20ste eeuw en de eerste decennia van onze eeuw een aantal verschuivingen zich heeft voorgedaan die te maken hebben met de sociaal-economische impact van het schrijven, de (politieke) onafhankelijkheid van de schrijver en de ‘uitzonderlijkheid’ van de schrijversidentiteit.  Kort samengevat komt deze vooropgezette lijn hierop neer: het in kaart brengen van het spanningsveld tussen ‘autonome’, lees: ‘echte’ en dus ‘elitaire’ literatuur enerzijds en ‘heteronome’ literatuur anderzijds, die zich in dienst van de maatschappij plaatst. Hoe manifest ook  het zich wijzigende schrijversbeeld ook moge zijn, telkens weer buigt Bax de lijn om naar de ‘autonomie’ van het schrijven. Neem bijvoorbeeld de ‘casus’ van Louis Paul Boon (een van de weinige Vlaamse auteurs die ook echt aan bod komt in het geheel), over wiens oeuvre Bax noteert: ‘Het lijkt of Boon radicaal afstand neemt van een autonomistisch perspectief op de literaire tekst ten faveure van de geëngageerde boodschap die de tekst wil uitdragen Maar zo eenduidig is de literatuuropvatting van Boon niet. De novelle [Bax heeft het over ‘Mijn kleine oorlog’ – j.v.h.] is namelijk ook buitengewoon vernieuwend qua vorm; het boek doet veel meer dan realistisch de werkelijkheid weergeven.’ (p. 212) Gaandeweg de ‘literatuurgeschiedenis’ die Sander Bax aanreikt met zijn boek, wordt duidelijk hoe het ‘beeld’ van de schrijver verandert: het schrijven is ook een economische activiteit,  de schrijver gaat zich in de loop van de 20ste eeuw (ook) positioneren ten aanzien van politieke en maatschappelijke tendensen, hij gaat ook werken aan zijn ‘imago’  en als publieke intellectueel op het voorplan treden. Het moge duidelijk zijn: commercialisering en mediatisering hebben het literaire veld hertekend. Bax werkt over de hele lijn van zijn studie op een telkens terugkerende manier: een auteur wordt binnen de chronologische lijn die wordt gevolgd, ‘voorgesteld’ aan de hand van een benadering van zijn werken. In zijn selectie heeft Bax vooral oog en oor voor de literatuur bij onze noorderburen. Vlaanderen is een (bijna volledige) blinde vlek.  Dat in een ‘literatuurgeschiedenis’ (Bax manifesteert zich nadrukkelijk als ‘literatuurhistoricus’) voor ons taalgebied auteurs als – ik geef hier een paar willekeurige voorbeelden – Ivo Michiels, Walter van den Broeck, Mark Insingel, en zelfs Stefan Hertmans (voor deze laatste kan de hele ontwikkeling die Bax memoreert voor de 20ste-21ste eeuw in het oeuvre worden aangestipt) ontbreken. En dat dat op zeker moment de naam Mark Braet valt, zonder verdere explicitering overigens (p. 391), komt wel heel verrassend over. In die zin is ‘Schrijversmythen’ een gemiste kans. En soms gaat de auteur in zijn benadering wel eens uit de bocht. Als hij het over de Vijftigers heeft en de manier waarop die erin slaagden zich in de literaire wereld te positioneren, wordt in een en dezelfde alinea tot drie maal toe geattendeerd op ‘beroemd’ geworden bloemlezingen, de ‘beroemd’ geworden Podiumavond in het Stedelijk Museum en het ‘beroemd’ geworden Campert-gedicht ‘Te hard geschreeuwd’. Iets van het goede te veel denk je dan als lezer. 

[Jooris van Hulle - 06/06/2024]