Hieronder vindt u de jongste recensies. Selecteer een genre, vervolgens selecteer de recensie die u wenst u te bekijken en klik tenslotte op 'Lees recensie'.

Zoeken  Genre 

 TitelAuteurDatum
Charley Toorop en Pyke Koch. Alles of niets Carel Blotkamp en Mieke Rijnders 14/08/2026
Ferdinand Snellaert. Pionier van de Vlaamse politiek, 1809-1872. Biografie Ludo Stynen 13/08/2026
Bloedrode dageraad. De Tweede Wereldoorlog en de geboorte van het moderne Azië Hans van de Ven 13/08/2026
Masdoelhak en Adriana of de toegedekte moorden van de Indonesiëoorlog Frank Vermeulen 13/08/2026
Weimar. Leven op de rand van de afgrond Katja Hoyer 13/08/2026
Dark Enlightenment. Hoe een nieuwe radicaal-rechtse ideologie de wereld verovert Arnaud Miranda 13/08/2026
Een verwittigd man is niets waard Dimitri Verhulst 04/08/2026
Het raadsel van de anderen Benno Barnard 04/08/2026
Fake Profiel Luc de Keersmaecker 04/08/2026
Spiegel van de ziel Antoon van den Braembussche 04/08/2026
Des te beter (vert. Marijke Arijs) Amélie Nothomb 04/08/2026
Uw vlees & bloed Jeroen Olyslaegers 04/08/2026
De avonturen van Tom Sawyer (vert. Peter Bergsma) Mark Twain 04/08/2026
Kerewin (vert. Anneke Bok) Keri Hulme 04/08/2026
Queer geschiedenis van Nederland. De strijd om een eigen verleden Marijke Huisman 04/08/2026
Atlas van de middeleeuwse stad. Markten en havens in de Lage Landen Marcel IJsselstijn 04/08/2026
De reiziger. Het uitzonderlijke leven van George Forster en zijn zoektocht naar de mens (vert. Nannie de Nijs Bik-Plasman en Arjanne van Luipen) Andrea Wulf 04/08/2026
Geschiedenis van Spanje. Tussen waanzin en wijsheid, 3000 jaar machthebbers in Spanje (vert. Ido Croese) Juan Eslava Galán 04/08/2026
Het verhaal van Brabant. Feiten, fabels en fantasieën uit een vergeten hertogdom Luc Pauwels 04/08/2026
Jacob Hogers (1614 - ca. 1656) Robert Schillemans 04/08/2026
12345678910...Laatste

Emile Claus. Prins van het luminisme

Johan De Smet
Emile Claus. Prins van het luminisme
Hannibal, 2024, 224 blz., EUR 55,00
ISBN: 9789464941494

Honderd jaar geleden overleed Emile Claus, de schilder die als geen ander zonlicht over het Leielandschap strooide en van het landleven het zwaartepunt van zijn kunst maakte. In de oeuvrecatalogus ontleedt  kunsthistoricus Johan De Smet de picturale evolutie van Claus vanaf zijn academiejaren in Antwerpen, over zijn gloriejaren in Villa Zonneschijn, tot het wegdeemsteren van zijn roem na de Eerste Wereldoorlog. Van jaar tot jaar wordt nagegaan hoe de schilder van traditionele portretten en genretaferelen in een bruinig coloriet, via een door de Fransen geïnspireerd naturalisme, bij een persoonlijke interpretatie van het impressionisme uitkwam, dat door de Belgische kunstwereld tot “luminisme” gedoopt werd. 
Liet men zich vroeger soms laatdunkend uit over het zwichten van Claus voor het succes van zijn goed in de markt liggende kunst, die de landelijke idylle al te zonnig in beeld bracht, dan legt De Smet eerder de nadruk op Claus’ “lenigheid van geest”, diens levenslange en onvermoeibare geestdrift om zich te herbronnen en op zoek te gaan naar nieuwe uitdrukkingswijzen en motieven. Zijn uitgebreide netwerk en buitenlandse reizen hielden de schilder scherp voor de veranderende tijdsgeest, maar deden hem ook beseffen dat de Leiestreek rond Astene zijn uitgelezen biotoop was. In het zompige licht boven de meersen, in de met zon doorspikkelde dreven en met sneeuw bedekte landschappen, in de  lange schaduwen, de weerspiegelingen op het water en de kleuren van zijn tuin, vond Claus alles wat hij nodig had om zijn liefde voor de natuur te verbeelden. Toen hij omstreeks 1890 de winters in Parijs doorbracht schreef hij aan zijn vriend Albijn Van den Abeele dat zijn schilderijen hem “hier in Parijs menigmaal terugbrengen in ’t vette Vlaamsche land; daar alleen kan en wil ik borstelen”. Dat Claus oppervlakkig was en voorbijging aan de armoede van het landvolk klopt ook niet, zo blijkt uit getuigenissen van gulle schenkingen die hij deed. Claus wou echter geen aanklager zijn, maar een pleitbezorger van het platteland als oord van schoonheid, rust, eenvoud en respect. Toen hij in de oorlog naar Londen verhuisde was het voor hem als buitenmens dan ook niet eenvoudig om zijn draai te vinden, maar eenmaal gesetteld in een atelier met uitzicht op de Thames was hij weer gelanceerd voor ontelbare studies van licht en water, in het spoor van voorgangers als Turner en Monet. Veel aandacht besteedt De Smet ook aan Claus’ doordachte composities en hoe hij daarin groeide, naar zijn gedoseerd toepassen van de impressionistische stippen- en vlekkentechniek, naar het slim aanwenden van het tegenlicht en zijn bezetenheid omtrent de kwaliteit van de olieverf. Voor biografische anekdotes ben je in dit boek niet aan het juiste adres, maar des te meer voor een grondige doorlichting van Claus’ oeuvre. Details over zijn contacten, tentoonstellingen en reizen vind je in de biografie achteraan de catalogus. 
Na honderd jaar blijkt Claus een van de sterkhouders van de Belgische kunst te zijn en een die op geen enkele manier aan het zo graag aangehaalde “Belgische surrealisme” kan gekoppeld worden. Daarvoor was de man te veel opgetrokken uit de aarde en het water van de Leiestreek tussen Deinze en Gent. In een tijd waarin het landelijke steeds meer de plaats ruimt voor bebouwing, voeden Claus’ taferelen meer dan ooit het heimwee naar plekken waarin mens en natuur in symbiose leven.

[Sabine Alexander - 24/10/2024]